Een van de sterkste punten van de religie is het ‘voortbestaan’. Als je doodgaat leeft je toch door.
Als Atheïst heb ik dat niet. Ik heb geen tweede leven. Als de dood komt is er niets of niemand meer. Géén Harem of Hemel. Niemand die van boven kijkt.
Vandaar dat ik niet voor euthanasie ben. Ik blijf zo lang mogelijk leven. Alles wil ik meemaken. Ik heb daar heel veel pijn voor over. En als het niet meer gaat zijn er altijd nog drug en drank. Op mijn sterfdag zal ik zeggen: liever Dronken als Dood.